Hoe meet je creativiteit bij leerlingen?

Een inspirerende bijeenkomst van The Crowd: Hoe meet je creativiteit bij leerlingen? Geleid door Dick van de Wateren en Simon Verwer.
Centraal stond een feedbackinstrument dat is ontwikkeld in Engeland. Zie de bespreking van het instrument. LINK
We waren met een heterogeen groepje: docenten, schoolleiders, bevorderaar kunsteducatie en een onderwijsbegeleider. We hebben gepraat over wat creativiteit is, maar lang zijn we daar niet bij stil blijven staan, want we gingen aan de slag met het instrument. Dick vroeg ons het instrument zelf in te vullen. Daarbij liepen we al snel tegen wat knelpunten aan. Als wij al moeite hebben met invullen, hoe zou dat dan met leerlingen gaan?creativity-instrument
Bij de bespreking ervan werd duidelijk dat het instrument te complex en te abstract is, zelfs voor leerlingen in de bovenbouw van het VWO. Voor een deel zit dat in de vormgeving. We begrijpen waarom er voor deze uitvoering is gekozen. Bij een cirkel met taartpunten geef je namelijk geen hiërarchie aan bij de verschillende kenmerken. Het maakt niet uit waar je begint, alle eigenschappen of kenmerken worden doorlopen zonder daar een weging in volgorde aan toe te kennen. Voor een ander deel zit het in de abstracte begrippen en in hoeverre je zelf objectief kunt beoordelen waar je staat, waarbij domeinen een rol creativity-instrument2spelen. Hoeveel doorzettingsvermogen heb je? Dat kan voor het ene onderwerp, domein, de taak, opdracht ‘heel veel’ zijn, terwijl je bij een ander onderwerp of taak het al snel opgeeft.
Om het instrument te vereenvoudigen zou je kunnen werken met matrices, de vijf taartpunten worden dan 5 matrices waarbij leerlingen bijvoorbeeld op een vijfpuntschaal per subonderwerp kunnen aangeven waar ze denken dat zij zich bevinden. Aangezien de ontwikkelaars in Engeland zich ook al in een volgende fase bevinden, hebben zij wellicht dezelfde conclusies getrokken. Dus voordat we zelf creatief gaan bijstellen, kunnen we beter wachten op de herziene versie.
Een volgend onderdeel werd ingeleid door Simon Verwer met het wereldberoemde filmpje van Ken Robinson: Scholen doden creativiteit. Toevallig een paar dagen geleden besproken op mijn blog.  We moesten met elkaar in discussie en argumenten voor en tegen de stelling bedenken.
Bij de terugkoppeling bleek dat we natuurlijk allemaal vinden dat creativiteit meer bevorderd moet worden.
Aan het begin van de avond had ik tijdens het kennismakingsrondje al een paar vragen willen stellen die voornamelijk betrekking hebben op het HOE. Want, als we allemaal vinden dat creativiteit bevorderd moet worden, en dat was duidelijk, anders zaten we hier niet, wat doe je dan als docent als leerlingen die creativiteit niet tonen, niet durven te laten zien, het niet kunnen? Wat haal je dan uit je goocheldoosje? Wat doe je wel en wat doe je niet? Voor deze vragen was aan het einde van de bijeenkomst geen tijd meer.

De docent kan de lessen zo inrichten dat bij verschillende onderwerpen of opdrachten aandacht is voor het stimuleren van denken, het vinden van nieuwe concepten of analogieën, iets te laten wegen en te beoordelen. Het is aan de leraar om creatief denken te bevorderen. Welke didactische structuren zet je in? In hoeverre maak je gebruik van coöperatieve werkvormen? Wat zijn je lesdoelen en hoe bevorder jij dat alle leerlingen die doelen halen? Maak je daarbij gebruik van specifieke werkvormen, didactische modellen of instrumenten? Is het niet interessant om te denken aan een meetinstrument voor docenten? Een reflectie-instrument waarbij leraren zelf kunnen monitoren in hoeverre zij door hun aanpak tijdens de les creativiteit bevorderen?

1 reactie op Hoe meet je creativiteit bij leerlingen?

  1. Dank je wel, Marijke. Zoals gewoonlijk was je kritische inbreng heel waardevol. We zullen je suggesties meenemen in het verslag en bij het verder ontwikkelen van een in de Nederlandse en Vlaamse praktijk bruikbaar instrument.
    Hartelijke groet
    Dick

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

*